


Kinderen brengen veel tijd door op de kinderopvang, (brede) school en BSO waardoor natuur in de nabije omgeving van deze locaties zeer waardevol is.
In de Scandinavische landen is groene kinderopvang veel verder ontwikkeld dan in Nederland. Maar ook bij ons worden steeds meer groene buitenruimten bij kinderdagverblijven en scholen gerealiseerd.
Met betrekking tot de inrichting van de buitenruimte worden vanuit de Wet Kinderopvang enkele eisen gesteld:
- minimale opp. van het buitenspeelterrein is 3m2 per kind
- buitenruimte voor 0-4 jarigen moet aangrenzend aan de dagopvang zijn
- buitenruimte op afstand dient toegankelijk en veilig bereikbaar te zijn
- buitenruimte dient veilig, toegankelijk en afgestemd op de leeftijd te zijn
Naast deze eisen is er veel vrijheid om het buitenterrein in te richten. De GGD heeft als taak -als toezichthouder van de Wet Kinderopvang- om te kijken of kindercentra hun verantwoordelijkheid nemen en hun eigen beleid uitvoeren.
Zoals vermeld in de Wet Kinderopvang dient een risico-inventarisatie te worden gemaakt van alle mogelijke risico's, inclusief maatregelen om dit risico zo klein mogelijk te houden. De GGD beoordeelt de risico-inventarisatie, het actieplan en de ongevallenregistratie.
Zowel de Wet Kinderopvang als de GGD zijn geen enkele belemmering voor het realiseren van een veilige, natuurlijke omgeving bij uw kinderdagverblijf of BSO.
Bureau RIS adviseert u graag wanneer u vragen heeft.